fbpx

Omgaan met afwijzing

Francine Aarts 27 maart 2014

‘Trek het je niet aan’, ‘Neem het niet persoonlijk’ en ‘Ze weten niet wat ze missen.’ Zo reageerden mijn vrienden toen ik laatst vertelde dat ik afgewezen was voor een baan die ik heel, heel graag wilde. Als je een baan zoekt, komen deze reacties je vast bekend voor.

Mijn vrienden hebben natuurlijk gelijk. Een afwijzing op een sollicitatie ís niet persoonlijk. Maar toch. Als ik afwijzing na afwijzing in mijn mailbox krijg, dan wordt dat ‘niet aantrekken’ een hele opgave. Voor ik het weet denk ik dat het wél aan mij ligt. Ik bén toch ook een mislukkeling?!

Identiteit

Dat die gedachte in mij opkomt, vind ik niet zo gek. In onze maatschappij hechten we immers enorm veel waarde aan het werk dat iemand doet. Bedenk maar eens welke vraag we als eerste stellen als we aan iemand worden voorgesteld op een feestje. Inderdaad, de vraag ‘wat doe jij?’ Het gaat die ander er dan niet om dat ik een lieve tante ben voor mijn nichtje, of dat ik Afrikaanse dansles volg. Bedoeld wordt: wat doe jij voor werk? Ben je bouwvakker, schrijver, of (och nee toch!) werkzoekende?

De vraag ‘wat doe jij?’ is zelfs nog meer dan een vraag naar je werk. Het is ook een vraag naar je identiteit. Niet ‘wat doe jij?’, maar ‘wie ben jij?’ Als je bouwvakker bent, dan ben je een harde werker; ben je schrijver, dan ben je vast heel creatief; maar wat ben je als werkzoekende?

Zolang je jezelf identificeert met ‘wat je doet’, blijft de zoektocht naar werk persoonlijk. Heb je geen werk, dan ben je ‘niks’. En elke mislukte sollicitatie is een afwijzing van jou als persoon. Toch? Of… kun je die gedachte loslaten?

Loslaten

Ik denk van wel. Zelf oefen ik loslaten op mijn meditatiekussen. Ik train mijn geest om niet vast te houden aan gedachten en gevoelens die opkomen. Ze komen op, en mogen er zijn, maar ik hoef me er niet mee te identificeren. En als ik dan in mijn mail weer het verdomde ‘helaas, wij nodigen u niet uit voor een gesprek’ lees, valt me dat minder zwaar. Ik ben nog steeds die lieve tante, dans nog steeds Afrikaanse dansen. Ik ben werkloos, maar ik ben.

En ik wil jullie graag één ding vragen: als je weer eens iemand ontmoet op een feestje, vraag dan eens wat anders. ‘Wat houdt jou bezig?’, bijvoorbeeld. ‘Waar word jij blij van?’ Of gewoon: ‘Biertje?’